Oogkleppenmotie

25 januari 2007

gelabeld: , ,

Electriciteitsmasten

Deze week staat er op de agenda van de gemeenteraadsvergadering de kernenergie-motie. Hierin wordt gesteld dat de gemeente Assen, als aandeelhouder van Essent, haar afkeuring moet uitspreken over een mogelijke deelname van Essent aan de exploitatie van een nieuwe kerncentrale. Want: wij mogen onze toekomstige generatie niet voor onze (afval)problemen laten opdraaien.

Dat klinkt allemaal ontzettend mooi en nobel. Maar toch heb ik hier moeite mee. Het suggereert dat, wanneer we geen nieuwe kerncentrale bouwen, we onze toekomstige generatie niet met een probleem opzadelen. Was het maar zo eenvoudig.

Een groot gedeelte van onze electriciteit komt uit kolengestookte centrales. Die produceren ontzettend veel CO2, wat klimaatsverandering veroorzaakt. Daarom willen we de uitstoot van CO2 fors terugdringen. Het bouwen van een kerncentrale in plaats van een kolencentrale zou daar goede bijdrage aan kunnen leveren.
Maar ja, teveel CO2 zit nu eenmaal niet in een tonnetje met daarop een “dit is gevaarlijk spul”-sticker. Het is iets abstracts. Afval van een kerncentrale daarentegen is concreet. Je kunt het laten zien en met een vingertje aanwijzen: “kijk, dat is het probleem”.

Kortom, ook wanneer we een kolencentrale gaan bouwen, zadelen we ook onze toekomstige generaties op met onze problemen. Problemen (klimaatsverandering) die nog veel ongrijpbaarder zijn dan het kernafval probleem.

Even voor de duidelijkheid: ik ben geen voorstander van kernenergie. Maar ook aan het alternatief, kolengestookte centrales, zit ook een luchtje. Het is kiezen tussen twee kwaden. An inconvenient truth zouden sommige mensen zeggen.

Wie vangt de mol?

22 augustus 2004

gelabeld: ,

Molshopen

Altijd leuk om te lezen: de Miniman-rubriek in het Dagblad van het Noorden. Zo valt er te lezen in de editie van zaterdag 21 augustus dat er iemand erg veel last heeft van mollen in zijn tuin. Op zich begrijpelijk, aangezien ik nog maar bitter weinig mensen ben tegengekomen die blij waren met de mollen in hun tuin.

Maar wat schetst mijn verbazing: meneer vindt dat de gemeente (!) daar iets aan moet doen; aan die mollen in zijn tuin dus. Het lijkt er wel op dat we de gemeente voor alles aansprakelijk kunnen gaan stellen. Nu nog de mollen; straks het onkruid in de tuin, planten die dood gaan en het gras tussen de terrastegels? Sorry, maar ik vind dit niet een beetje, maar veel te ver gaan. Alsof een gemiddelde burger tegenwoordig niets zelf meer kan.

Bij het stukje stond een e-mailadres vermeld waar lotgenoten een bericht naar kunnen sturen. Het vermelde e-mailadres wordt gebruikt door de eerste opvolger van de PLOP-fractie, Jan Blom. Het feit dat er verder geen naam ofzo bij stond (wat trouwens gebruikelijk is in die rubriek), ga ik voor alsnog er maar vanuit dat het geen nieuw actiepunt van PLOP is.

Maarre, Jan, als ik (ondanks bovenstaande) je een tip mag geven: er is behoorlijk wat info over deze beesten te vinden op de mollenwebsite.

Water en het omgekeerde soepbord

4 juni 2004

gelabeld: , ,

Waterbeheer, een onderwerp dat de afgelopen jaren flink hoger op de politieke agenda is komen te staan. Niet alleen omdat onze toekomstige koning daar zijn tanden in heeft gezet, maar ook naar aanleiding van de “problemen” die in 1998 zijn geweest toen bijvoorbeeld het Groninger Museum onder water dreigde te lopen. Kortom, tijd voor een symposium over dit onderwerp. En die was er vandaag in Groningen.

Ook “onze” wethouder Michel Berends was een van de sprekers bij het symposium. Hij had het verschillende keren over “lef hebben” om op andere wijze met water om te gaan. In ieder geval had Michel wél lef: in Groningen verkondigen dat “Assen aan zee” ook best een aardig idee is.

Anyhow, het geschetste toekomstscenario: de zeespiegel en temperatuur stijgen en er zullen meer (hoos)buien komen. De stijging van de temperatuur zorgt ervoor dat er meer water verdampt, maar dat weegt niet op tegen de extra neerslag dat als stevige buien naar beneden komt.
De afgelopen decennia was het motto om het water zo snel mogelijk kwijt te raken. Rechte, brede, goed gemaaide kanalen zorgen voor een vlotte afvoer. Drenthe wordt vaak gezien als een omgekeerd soepbord, dus het water wil prima weg.

Tegenwoordig vindt Groningen dat niet zo aardig meer, want zij moeten maar zorgen dat alle toestroom ook maar ineens verwerkt kan worden. En vandaar dat Assen (en niet alleen Assen) vriendelijk wordt verzocht het water wat langer vast te houden en geleidelijk af te voeren. Kortom, we moeten op zoek naar waterbergingsgebieden.
Ook in stedelijke gebieden als Assen zijn daar mogelijkheden voor. Zo zijn er al diverse vijvers in de diverse woonwijken.

Maar ook het herstellen en/of uitdiepen van oude waterloopjes (bv het Weiersloopje in de Gouverneurstuin) kan soelaas bieden.
En wat dacht u van de verharding van parkeerplaatsen in woonwijken vervangen door grastegels (tegels met grote gaten erin waardoor het gras kan groeien). Het water hoeft dan niet via de afvoerputjes afgevoerd worden, maar kan gewoon de grond intrekken. Daarnaast krijg je ook meer groen in de wijken. Twee vliegen in één klap!